Lineaire algebra voor data science in R
Eric Eager
Data Scientist at Pro Football Focus
print(A)
[,1] [,2]
[1,] 1 -2
[2,] 0 4
print(b)
1 -2
Los $A\vec{x} = \vec{b}$ op met $\vec{x} = A^{-1}\vec{b}$:
x <- solve(A)%*%b
print(x)
[,1]
[1,] 0.0
[2,] -0.5
x <- solve(A)%*%b
print(x)
[,1]
[1,] 0.0
[2,] -0.5
Controleer je oplossing door $\vec{x}$ in te vullen:
A%*%x
[,1]
[1,] 1
[2,] -2
Dit is gelijk aan de gegeven $\vec{b}$:
print(b)
1 -2
Dus de enige oplossing van de homogene vergelijking $A\vec{x} = \vec{0}$ is de triviale oplossing $\vec{x} = \vec{0}$.
print(A)
[,1] [,2]
[1,] 1 -2
[2,] 0 4
b <- rep(0, 2)
print(b)
0 0
solve(A)%*%b
[,1]
[1,] 0
[2,] 0
Als $A$ een vierkante $n\times n$-matrix is, dan zijn de volgende voorwaarden equivalent en impliceren ze een unieke oplossing van $$A\vec{x} = \vec{b}:$$
Lineaire algebra voor data science in R